Wie blijft waar hij/zij is, verhardt

Onlangs las ik over een gesprekje, gevoerd door een ongeboren tweeling. De ene foetus was bang voor het naderende einde, het zou de dood van deze prenatale geborgenheid zijn, een angstaanjagend idee. De foetus wilde altijd blijven waar hij was en vluchtte in afgeslotenheid. Niks drong meer tot hem door, zelfs de warmte en liefdevolle stem van de moeder niet. De andere foetus zag het naderende einde als overgang naar een nieuw begin en keek uit naar de komende en onbekende reis. Daar waar de ene zich zorgen maakte, hoorde de ander de stem van de moeder en keek uit naar de ervaring haar van buiten te leren kennen. De verwachting van een leven buiten de moeder riep, de reis kon voor hem niet snel genoeg beginnen. Deze foetus zal de geboorte waarschijnlijk gaan ervaren als een beweging naar het licht. Terwijl de foetus met de verwachting dat hetgeen wij geboorte noemen, het einde zou zijn, zich verzet en mogelijk onbeweeglijk houdt. Dat het onbeweeglijke verhardt mag je heel letterlijk nemen, soms wordt er wel eens een versteende foetus gevonden.

Voor de angstige foetus levert de verwachting van het naderende einde een ontkenning van de werkelijkheid op. Angst stagneert en bevriest, maakt hard en onbeweeglijk. Als het verlammende de overhand neemt wendt je je af voor de roep, de natuurlijke gang van veranderingen en transformatie. Terwijl de gestolde levensstroom door (letterlijk) in beweging te komen weer opgenomen kan worden in de continue verandering, het leven. Terwijl vluchten de angst vergroot, is reizen een manier om angst te overwinnen.

Een reis van 10.000 stappen vangt onder je voet aan (vers 64 Dao De Jing). Reizen kent de aanvangsfase die start met waar je hier en nu bent, met een roep, een uitnodiging, een verlangen. In het geval van de foetus is het stem van de moeder die de nieuwsgierigheid wekt, om de wereld van buiten de baarmoeder te leren kennen. In afstemming op het verlangen, afhankelijk van de creativiteit en in de bereidheid wordt energie verzameld om de reis te gaan maken. De eerste stap is de beweging van het bekende naar het onbekende. Een fysieke reis begint met één eerste stap. Een innerlijke reis met de bereidheid naar binnen te gaan.

Innerlijk reis ik met mijn ogen dicht langs de sensaties in mijn lichaam. Geleidelijk aan wordt ik meer lijf en het ervaren van mijn eigen nabijheid, ontspant. Ik voel, ik leef, ik ben. Uiterlijk reis ik regelmatig naar voor mij onbekende werelddelen en beweeg ik mij op de aarde. Voor beiden reizen heb ik hobbels te overkomen, zoals angst voor het onbekende. Maar de reizen die ik maak in een ontmoeting met een ander mens kom ik de grootste uitdaging tegen, namelijk het verduren van mijn  onzekerheid.

Wie blijft waar hij/zij is, volhardt.

Wie blijft waar hij is, volhardt. Sterven maar niet vergaan is leven. (vers 33 Dao De Jing). Bij elke reis heb ik te verduren dat ik onzeker ben. Ondertussen weet ik dat verwachtingen me in de weg staan. Maar het hebben van geen enkel houvast is ook een beetje sterven. Het uithouden dat er (angst)gevoelens door me heen gaan, de neiging op te merken dat ik zou willen vluchten en tóch volharden in mijn aanwezigheid. Voor mij is dat in verbinding blijven met mezelf. Niet vluchten maar reizen. Reizen langs mijn wantrouwen, angst en onzekerheid.

Daarom verlaat de wijze, ook al is hij een hele dag onderweg, zijn bagage geen moment uit het oog. Hoeveel prachtige dingen er ook te zien zijn. Hij blijft kalm en vrij. (vers 26 Dao De Jing). Ik reis in een gesprek vaak langs onzekerheid, anst en wantrouwen. Ik heb ze in mijn rugzak zitten en het helpt me alert te blijven. Omdat ik mezelf zo makkelijk verlies. Dan beweeg ik me in een grenzeloos gebied ergens tussen jou en mij in. Voordat ik weet ben ik zonder mijn rugzak verdwaalt. Dan zie ik alleen nog de schoonheid van de ander of de ontroering van het moment en vergeet ik dat dit er ook voor mij is. Vrij zijn betekent voor mij dat ìk deel ben van de reis.

Zeker zo in december wat een tijd van bezinning is, is mijn vraag aan jou, wat jij in je rugzak hebt zitten. Welke bagage kun jij beter niet uit het oog verliezen?  En welke stem roept jou om een reis te maken? 

 

 

 

 

 

Comments are closed.